Het vraagstuk bezuinigen binnen de overheid, minder ambtenaren, heeft menig kabinet bezig gehouden. Dat dit niet lukt is menig bedrijfskundige wel opgevallen. Als interim kom ik regelmatig in overheidsorganisaties en wordt in de praktijk geconfronteerd met de planontwikkeling en implementatie van bezuinigen. Afdelingen en bureaus krijgen een taakstelling en dienen ervoor te zorgen, dat de afgesproken efficiencydoelstelling binnen een bepaalde periode dient te worden gehaald.
Waarom lukt het niet?
Mij is opgevallen dat de planontwikkeling geen probleem is; bezuinigingsplannen en programma’s worden namelijk makkelijk op papier gezet. De overvolle archieven zijn hier getuige van. ‘Sabotage’ van het proces, begint tijdens het besluitvormingstraject. Diverse interne autoriteiten zoals Bestuur en OR, halen vaak de scherpte uit de maatregelen. Dit alles gebeurt onder de noemer ‘het belang van de medewerkers’. In de praktijk betekent dit meestal, dat fluwelen handschoenen worden ingezet. Zaken als gedwongen ontslag of toetsing van geschiktheid worden omgezet naar omslachtige maatregelen, waardoor het beoogde effect minimaliseert. Daarnaast verlopen zaken vaak niet gestructureerd, omdat systemen en processen niet aan elkaar worden gelinkt. Als klap op de vuurpijl wordt door de creativiteit met cijfers altijd weer ruimte gevonden om zaken toch maar weer bij het oude te laten. Uiteindelijk constateert men na een bepaalde periode opnieuw hetzelfde probleem en past men hetzelfde kunstje toe.
Wat zou een oplossing kunnen zijn?
Als het kabinet dit probleem echt wil oplossen, dan zouden de volgende maatregelen kunnen worden toegepast:
• Verplichte roulatie van bestuurders en topambtenaren waardoor er geen neiging ontstaat tot zelfbehoud en persoonlijke voorkeuren
• Bezuinigingsoperaties laten uitvoeren door externe projectteams die een resultaatverplichting en deadline meekrijgen.
• Introductie van prestatie – en dienstverleningsovereenkomsten op basis waarvan medewerkers kunnen worden afgerekend. De afrekening zou door een externe onafhankelijke commissie (met bestuurders uit het bedrijfsleven) dienen plaats te vinden. Bij het niet nakomen van de afspraken, worden subsidies en dergelijke gekort.
Waarom is het cultuurprobleem van de overheid zo hardnekkig?
Menig burger kijkt machteloos toe, want als wij de boeken er op terugslaan lijkt het alsof de overheid al 30 jaar bezig is met bezuinigen. Wij weten allemaal dat het voor een groot deel gaat om cultuur; houding en gedrag van ambtenaren. Menig ambtenaar erkent dit en wil dit oplossen, maar raakt moedeloos en gefrustreerd omdat je als eenling die grote politieke bestuurlijke machine niet kunt bewegen. Kortom, ik denk dat bezuinigen bij de overheid pas kan lukken als overheden worden bestuurd en ingericht als organisaties in de zakelijke dienstverlening. Kijk maar naar de PTT en KPN, die kunnen nu wel lean en mean opereren. De belangrijkste vraag is dan: ’Zijn Nederlanders bereid om de overheid in de ‘uitverkoop’ te gooien?’. Het antwoord zal in veel gevallen negatief zijn, dus ik denk dat wij dit niet meer moeten beschouwen als een probleem maar als een gegeven waarmee wij moeten leren leven.

Het blijft treurig hoe (duur betaalde) door het Rijk ingehuurde externen steeds weer blijk geven van gebrek aan inzicht in de besluitvorming bij de Rijksoverheid. Een ministerie is geen productiebedrijf, maar fungeert onder aansturing van de politiek. Inkrimping betekent vermindering van taken en dat laatste is precies waar de politiek keer op keer voor terugschrikt. Ondertussen gaat de verkoop tijdens de verbouwing gewoon door, zeker onder een vers kabinet met nieuwe ambities. Dat betekent vaak 'alle hens aan dek'. Tegelijkertijd, zoals bekend bij reorganisaties, vertrekken de besten het eerst en gaat veel dossierkennis verloren. Dat proces was al gaande, want de door mevr. Joval voorgestelde maatregelen, zoals mobiliteit, zijn alles behalve nieuw. Na de extra kaalslag, vinden nieuwe managers nu slagvaardig opnieuw het wiel uit. Verfrissend, dat wel, maar niet effectief. Natuurlijk kan het overheidsapparaat inkrimpen, maar dan moet de politiek helder uitkomen voor de keuze om het bestuur te decentraliseren of, zo men wil, te privatiseren.
Door Fieneke van Loon | 07 maart 2008 18:46
Als we niet bij het begin beginnen, blijft het watertrappelen. We blijven pappen en nathouden en missen daardoor enorme kansen. Bij de onderste bestuurslaag zijn we aan het opschalen. Bij de bovenste bestuurslaag zijn we aan het inkrimpen. De middelste bestuurslaag kan helemaal weggesaneerd worden. Bezuinigingen moeten ook vooral door anderen worden opgebracht. Wat voor visie, anders dan gehoor geven aan de roep om een bezuiniging, zit hier achter? Waarom vraagt niemand zich af, hoe het totale overheidsapparaat er uit zou moeten zien, als we helemaal opnieuw konden beginnen? Misschien geeft de insteek van een bezuiniging, hoewel een typisch Hollandse, wel op treffende wijze het ontbreken van een visie aan en proberen we bij gebrek aan toekomstperspectief, in arrenmoede maar te roeien met de riemen die we hebben. Zou het niet logischer zijn om ons meer consequent af te gaan vragen welke overheid we precies nodig hebben, om ons land, binnen de Europese context, op een efficiënte en effectieve wijze te besturen? Als we daar in slagen zal een neveneffect ook wel een bezuiniging zijn. Bezuiniging is toch, zoals ik het zie, niet het doel, maar veel meer een mogelijk positief neveneffect van een optimaal functionerende overheid?
Door Henk Houwers | 06 mei 2008 14:55